Mensen weten niet wat wij doen

Verpleegkundig centralist

Sanne Brok

Elke regio in het land kampt met een tekort aan nieuwe verpleegkundig centralisten. Wie weet beter hoe we dat kunnen oplossen, dan een jonge collega die kort geleden de stap zette naar deze functie? Ze is 25 jaar, rondde in juni de opleiding af en werkt in de meldkamer van Hollands Midden.

In Gesprek met Sanne Brok.

Sanne, hoe komt het dat de sollicitanten niet willen komen?

“De functie is te onbekend. Het publiek weet, mede dankzij tv-programma’s, wel dat er op meldkamers mensen zitten die het alarmnummer beantwoorden. Maar wat wij nu precies doen, daar hebben ze geen idee van. Ook de meeste verpleegkundigen weten dit niet. Toen ik vorig jaar aan de opleiding begon, kreeg ik vanuit mijn eigen kring regelmatig de vraag: waarom geef je je verpleegkundigenbestaan op om aan de telefoon te gaan zitten? En ik moet bekennen dat ik de inhoud van deze functie ook niet precies kende voor ik eraan begon. Ik wist wel dat de wereld van de acute zorg en de ambulance me aantrok.”

Waarom koos je er dan voor?

“Omdat ik aan iets nieuws toe was en toevallig de vacature zag bij de RAV. Ik heb in ziekenhuizen gewerkt, eerst op een dagbehandeling en daarna op kinderoncologie. Het verpleegtechnisch handelen vind ik mooi en interessant, het verzorgen aan het bed spreekt me minder aan. In dagbehandeling zag ik naar de toekomst toe te weinig uitdaging en de kinderoncologie vond ik mentaal best zwaar. Op de meldkamer kan ik op een andere manier met mijn kennis en ervaring bezig zijn, op meer afstand van de patiënt. Je beluistert een verhaal en gaat bedenken wat het zou kunnen zijn en waar je op wil doorvragen. De 112-gesprekken zijn best strak geprotocolleerd, maar in de contacten met huisartsen en ziekenhuizen overleg je met andere zorgprofessionals over wat de patiënt nodig heeft. En ik merk dat ik in al die korte contacten de ander meestal heel goed kan helpen.” 

Vind je de heftige hulpvragen via 112 niet ook mentaal zwaar?

“Soms wel, maar ik kan ze ook op afstand houden. Het helpt dat je er zelf geen beeld bij hebt, dat beschermt me en zorgt ervoor dat ik de melder mentaal kan blijven ondersteunen. Iemand die heel bang is, kan je vaak toch aanzetten om in actie te komen, het is mooi als dat lukt. En soms moet je aanvoelen dat het beter is om te stoppen met aansporen. Laatst bijvoorbeeld bij een val van een persoon van grote hoogte, waar de melder zei: ik durf er écht, écht niet naartoe te gaan. Dan is het gewoon wachten op de ambulance. Ik heb zelf na een melding een keer even de tafel moeten verlaten, omdat de melding me sterk deed denken aan een situatie die ik kort daarvoor zelf had meegemaakt. Toen had ik er ineens toch beeld bij en kwam het wel binnen. Dan zijn de collega’s hier echt heel ondersteunend, iedereen staat voor je klaar!”

Je werkt met ProQA, wat vind je daarvan?

“Toen ik in Den Haag solliciteerde, had ik nog niet helemaal helder om welke regio het ging, want er zitten er hier twee op één meldkamer. De ene werkt met ProQA, de andere met NTS. Het ene of andere systeem zou mij niet zo veel hebben uitgemaakt. Met ProQA kan ik prima werken, al ben je soms veel tijd kwijt met het doorlopen van de vragen terwijl je aan alles voelt dat het een huisartsverwijzing wordt. En soms kom je ook dan toch niet onder het sturen van een ambulance uit. Dat is dan zo, het is een keuze die gemaakt is om aan de veilige kant te gaan zitten. Bij NTS is mijn gevoel dat je sneller een keuze mag maken en doorverbinden. Daar staat tegenover dat je wel echt zeker van je zaak moet zijn.”

Laatste vraag, wat hebben we nodig om al die vacatures op te vullen?

“De functie bekender maken. Als je dat onder jonge verpleegkundigen wil doen, dan moet het via social media. Maak daarbij dan de koppeling met het ambulancewerk, want dat kent wél iedereen en het is nauw met elkaar verweven. Ook is het van belang om de doorgroeimogelijkheden te benoemen. Ik werk 36 uur en heb zeker interesse om op een later moment iets erbij te doen, bijvoorbeeld werkbegeleider of EDQ te worden. In de verdere toekomst zie ik zelf een combinatie tussen het werk op de ambulance en op de meldkamer wel zitten. Ik denk dat je ook daarmee verplegkundigen over de streep kan trekken.”