MMA’s adviseren een kwaliteitssprong aan RAV-directies:

‘Over twee jaar allemaal de ACE-status’

Wanneer een meldkamer op ProQA overstapt, houdt dit automatisch een belofte in aan de International Academies of Emergency Dispatch (IAED) om actief te streven naar het behalen van de ACE-status. In Nederland zit daar enigszins de klad in, stellen Harm van de Pas en Frits Weijschede vast.

Zij zijn Medisch Manager Ambulancezorg (MMA) van de meldkamers in respectievelijk Den Bosch, Eindhoven (inmiddels gefuseerd met elkaar); Tilburg; en Dordrecht (inmiddels gefuseerd met Rotterdam). Het zijn de vier meldkamers die tot dusverre het hoogste kwaliteitsniveau konden aantonen en daarvoor het ACE-certificaat ontvingen. Sindsdien is er al anderhalf jaar geen ACE bijgekomen in Nederland. Er is er ook geen in aantocht. Harm en Frits hebben hierover hun zorgen uitgesproken richting de RAV-directies, die op hun beurt om een advies hebben gevraagd.


Frits: “AMPDS is een kwalitatief uitstekend en veilig triagesysteem, maar alléén wanneer het gebruikt wordt zoals het bedoeld is én wanneer daarop een structurele controle wordt uitgevoerd met behulp van het programma Aqua. Dat gebeurt nu te weinig. EDQ’s komen amper aan hun taak van feedback geven en coachen toe. Zij zijn vaak hard nodig om de dienstroosters rond te krijgen. MMA’s moeten in een aantal de gevallen de meldkamer ‘erbij doen’. Zij krijgen zelf de meldkamerprocessen onvoldoende in de vingers en komen niet toe aan het maken van planningen voor de noodzakelijke stappen naar het behalen van ACE.”


Tijd vrijmaken

Om het werken met AMPDS en ProQA succesvol voort te kunnen zetten én veilig te houden, is volgens de beide MMA’s dringend een kwaliteitsimpuls nodig. “Die moet er in eerste instantie uit bestaan dat directies en management duidelijk de wil uitspreken om ACE te behalen, voor elke AMPDS-meldkamer, binnen nu en twee jaar”, aldus Frits. Dat is dan ook de strekking van het voorstel dat Harm en hij recent namens alle MMA’s aan de directies hebben voorgelegd en waar na de zomer een standpunt over wordt ingenomen.


De vervolgstap zou moeten zijn het vrijmaken van tijd. Eerder gaven meldkamerhoofden in dit magazine al aan dat de EDQ-taak er bij de huidige personeelskrapte al snel bij inschiet. Frits: “Het steekproefsgewijs naluisteren van 112-meldingen en daarop feedback geven met Aqua is dé manier om het werk van alle centralisten naar een hoger peil te brengen. Per meldkamer is zeker anderhalve voltijdbaan nodig voor de EDQ-taak en daarnaast minstens tien uur MMA-inzet per week voor de aansturing van het kwaliteitsproces.”


De termijn van twee jaar is volgens de MMA’s haalbaar als vanuit de ACE-meldkamers een ‘quickscan’ wordt uitgevoerd bij de nog niet gecertificeerde collega’s. “Met de bevindingen daarvan kan een advies worden gegeven over de noodzakelijke stappen om het doel te bereiken.” Frits en Harm zien daarin mede een rol weggelegd voor het Loket Landelijke AMPDS-gebruikers, dat de scharnier vormt tussen de ProQA-meldkamers onderling en de IAED in Amerika.
























Frits Weijschede











Xander en Angela

Versterking voor Loket

Xander Kluts, hoofd van de meldkamer Hollands-Midden, fungeerde tot dusverre grotendeels alleen als de landelijke coördinator van overleggen en opleidingen tussen de ProQA-regio’s. Hij heeft recent versterking gekregen van Angela Langeveld in de rol van landelijk beleidsondersteuner. Zij is en blijft tevens kwaliteitsfunctionaris van de RAV Hollands-Midden en werkt al ruim tien jaar in de meldkameromgeving, onder meer in het calamiteitenonderzoek. Zij krijgt extra uren om zich in te zetten voor het Loket. Angela: “Er was dringend behoefte aan iemand die de verschillende overleggen van directies, MMA’s en EDQ’s aan elkaar verbindt, de informatie daaruit stroomlijnt en de afspraken bewaakt. Die taak mag ik gaan vervullen.” De door de MMA’s gevraagde kwaliteitsimpuls is het eerste project waar Angela zich in zal vastbijten.